|

Bezoek onze
andere sites!
Wie zijn we?
Welke landen?
ONZE
REISVERSLAGEN
ALASKA
ARGENTINIË
AUSTRALIE
BALI
BELIZE
CALIFORNIË
CANADA
CHINA
CHILI
CUBA
CURAÇAO
CYPRUS
ECUADOR
EGYPTE
FOTOSITE
GUATEMALA
INDIA-NOORD
INDIA-ZUID
ISRAËL
JAVA
JORDANIË
KRETA
MADEIRA
MALEISIË
MALTA
MALLORCA
MAROKKO
MEXICO 1
MEXICO 2
NEPAL
NEW YORK
OEZBEKISTAN
PARAGUAY
PERU
RAJASTHAN
RUSLAND
SINGAPORE
SRI
LANKA
SUMATRA
SYRIË
THAILAND
TUNESIË
TURKIJE 1
TURKIJE 2
UNESCO SITE
URUGUAY
USA
CROSSING
ZUID-AFRIKA
| |

Geschiedenis
In de Oude Steentijd werden
er al resten gevonden van menselijke bewoning in een gebied ten zuiden van
Casablanca. Na de laatste ijstijd gingen volkeren zich rond de kust van de
Middellandse Zee vestigen.
Ook in Marokko, rond 3000
voor Christus, vestigde er zich een volk van jagers en en rondtrekkende nomaden.
De eerst inheemse bewoners van Marokko waren de Berbers, die bekend stonden als
een oorlogszuchtig, fanatiek volk, dat zich snel in het Middellandse Zee-gebied
vermenigvuldigde.
Feniciërs
Rond 1000 voor
Christus kwamen vanuit het huidige Libanon de Feniciërs naar Marokko, met het
doel er handelsposten te stichten. Al snel vestigden deze handelaren zich in
verschillende streken en kunnen worden beschouwd als de vaders van het oude
Marokko. Zij specialiseerden zich in de handel van steenhouwen, pottenbakkerij,
weefkunst, metaalbewerking en landbouw. In de zesde eeuw voor Christus heerste
de leider Carthago in het Middellandse - Zee gebied, hij was de leider van alle
Feniciërs, waaronder ook Marokko viel. In 146 voor Christus kwam een einde aan
deze overheersing, nadat de Romeinen het rijk van de Carthaagse overheerser
omver hadden geworpen. De Romeinen hadden de macht in het noorden van Marokko en
noemden het Mauritanië Tingitana, nadat ze eerst al Mauritanië hadden veroverd.
In 429 na Christus veroverde de stam der Baquaten het gebied van de Romeinen, in
533 werd dit volk weer verdreven door een Byzantijnse legermacht.
Islam
De dood van de
profeet Mohammed, die het nieuwe geloof van de Islam had gesticht, luidde een
nieuw tijdperk in. In een poging om de Islam te verbreiden, trokken de Arabieren
langs de kust van de Middellandse Zee naar het Westen. Daarbij stuitten ze op
veel verzet van de Berbers. In 683 stootte de Arabische legeraanvoerder Okba ben
Nafi door naar de gebieden Sous en Ziz en bereikte als eerste de Atlantische
Oceaan, maar hij werd weer door de Berbers teruggedrongen. In 710 had een andere
veldheer, Moussa ben Noussir het gehele Marokkaanse gebied veroverd, Marokko
werd daarbij een islamitisch land. Toch lukte het de Arabieren niet om de
Berbers onder de duim te houden, zij bleven zich verzetten. In 788 komt een
nazaat van de profeet Mohammed, Idris I, in Volubilis aan. Hij weet het
vertrouwen op te wekken van de Berbers, die tot de stam van de Aouraba behoren,
en wordt tot hun leider uitgeroepen. Na zijn dood volgt zijn zoon Idris II hem
op, die over Centraal-Marokko heerste en de plaats Fès stichtte als een bolwerk
van de Arabische en islamitische cultuur. Na zijn dood werd het land voor zijn
zonen opgedeeld, waardoor de macht bij meerdere leiders kwam te liggen.
Meriniden
In de elfde eeuw was
Marokko verdeeld in vele koninkrijkjes, die vaak in vijandschap met elkaar
leefden.Youssef ben Tachfin, stichter van de Almoraviden, wist vanaf 1040 een
aantal gebieden te veroveren, van de rivier de Niger diep in Afrika tot aan
delen van Zuid-Spanje, waarbij hij ook Marokko onder zijn hoede had. In de
periode van 1146-1248 werd de macht overgenomen door de Almohaden, maar zij
werden in 1213 bij Las Navas de Tolosa in Spanje een grote nederlaag toegebracht
door de christenen. Een andere stam, de Meriniden onder leiding van strijder
Beni Merin, profiteerde daar van en nam de macht over. Drie eeuwen lang heerste
dit volk over onder meer Marokko, dat een grote bloei doormaakte. Met name de
karavaantransporten door de woestijn met goud, ivoor en olie leverde een fortuin
op. Maar ook dit koninkrijk raakte in verval, nadat de naar expansie strevende
Portugezen grote gebieden langs de kust van Marokko veroverden.
De bloeddorstige
De Saädiërs wisten
zowel de Portugezen als de Meriniden te verdrijven. In 1510 viel de Portugeze
enclave Adagir, die na ruim dertig jaar vechten werd ingenomen. Enkele jaren
later namen de Saädiërs Fès in, de hoofdstad van de Meriniden. Ook wonnen de
Saädiërs de slag bij Ksar el Kebir, waarbij de Portugezen een harde slag werd
toegebracht. Na een bloeitijd van de Saädiërs kwam de Alawieten aan de macht,
van wie Moulay Ismaïl van 1672 tot 1726 hun machtige leider was. Hij bracht orde
tussen de diverse Berberstammen en regeerde het land met wrede hand, hij werd
ook wel 'de bloeddorstige' genoemd. Wel genoot hij van het leven, zo kon hij
terecht in een harem met meer dan vijfhonderd vrouwen.
Franse kolonialisten
De Franse
overheersing begon rond 1830 met de bezetting van Algiers. Europa kreeg steeds
meer invloed op Marokko, er werd in steden als Tanger, Algiers en Casablanca
betaald met de Franse Franc. De Marokkaanse stammen hadden nog wel geprobeerd om
de Fransen te verdrijven, maar onder leiding van Moulay Abd Er Rahman en Abd El
Kader werden de Berberstammen verslagen. In 1844 moesten de Marokkanen een
verdrag ondertekenen, waardoor ze de weg vrijmaakten voor de Franse bezetters,
die ook Algerije wilden innemen. Op de conferentie van Algeciras in 1906 kreeg
Frankrijk het protectoraat over Marokko, andere gebieden kwamen aan Spanje toe,
maar Frankrijk breidde langzaam haar macht in de omliggende gebieden uit en in
1912 was een groot deel van Marokko onder Franse invloedssfeer. Het Rifgebergte
kwam onder Spaanse bewind en Tanger werd een internationale tolvrije zone. De
Franse generaal Lyautey, van 1912 tot 1925 resident-generaal in Marokko, was
verantwoordelijk voor het protectoraat van het land. Er ontstonden opstanden
tegen het Franse bewind door nationalistische groeperingen die naar
onafhankelijkheid streefden. In de tweede wereldoorlog werd de rol van de
Fransen verder verzwakt. Naast onderdrukking van het koloniaal bewind, dat
veertig jaar duurde, hadden de Marokkanen er ook profijt van. De infrastructuur
van het land verbeterde drastisch, er kwamen vliegvelden, bruggen, wegen,
spoorlijnen, havens en dammen, gezondheidscentra en andere voorzieningen.
Onafhankelijk
In 1944 steunde de
sultan van Marokko, Sidi Mohammed ben Youssef, de Istizlal-partij, die naar
onafhankelijkheid streefde. Weliswaar werd de sultan in 1953 verbannen naar het
eiland Madagaskar, maar twee jaar later keerde hij terug in Marokko. Er ontstond
een guerrillaoorlog tegen de Fransen en dat leidde op 2 maart 1956 tot de
onafhankelijkheid van Marokko. De sultan werd na zijn dood in 1961 opgevolgd
door zijn zoon Hassan II, die ondanks economische crises en mislukte
staatsgrepen dertig jaar lang aan de macht blijft. Koning Hassan II verwierf
grote sympathie met een door hem georganiseerde mars op 6 augustus 1975, waar
350.000 demonstranten naar de grens van Mauritanië trekken, om te protesteren
tegen de bezetting van West-Sahara door de Spanjaarden. Dit gebied werd
opgegeven door Spanje en ingelijfd door Marokko. Meer dan 150.000
Sahraouï-bewoners van West-Sahara zochten hun toevlucht in het Algerijnse
Tindouf gebied en begonnen een vrijheidsoorlog, onder leiding van de
Polisario-beweging. In 1979 bezette Koning Hassan II ook het zuidelijk deel van
West-Sahara. In mei 1988 werden de diplomatieke betrekkingen met Algerije
hersteld. Tijdens de Golfoorlog in 1991 stuurde Marokko 1300 soldaten die voor
de geallieerde coalitie streed, onder leiding van de Verenigde Staten. Maar het
Marokkaanse volk stond achter Irak en demonstreerde in februari 1991 massaal in
een anti-westerse sfeer.


|