MENU

Omhoog
TamilNadu
Tempelroute
Kerala
Mudumulai
Mysore
Bangalore
Hyderabad
Aurangabad
Bombay
Terugreis
Fotogalerij
Fotogalerij2
Fotogalerij3

ONZE ANDERE WEBSITES

Bezochte
UNESCO - sites

Onze
Fotosite

        ONZE
REISVERSLAGEN

ALASKA 
ARGENTINIË  

AUSTRALIË
BALI 
BELIZE
CANADA  
CALIFORNIË  
CHILI
CHINA 
CUBA 
CURAÇAO

CYPRUS
ECUADOR  
EGYPTE  
FOTOSITE 
GUATEMALA  
INDIA-NOORD  
INDIA-ZUID  
INDIA RAJASTHAN
ISRAËL 
JAVA   
JORDANIË   

KRETA
MADEIRA
 
MALEISIË   
MALTA 
MAROKKO 
MEXICO 1
    
MEXICO 2

NEPAL  
NEW YORK
OEZBEKISTAN 
PARAGUAY
   
PERU 
RUSLAND  
SRI  LANKA
  
SUMATRA   
SYRIË  
THAILAND
TUNESIË
TURKIJE 1  
TURKIJE 2  
UNESCO-SITE 
URUGUAY

USA  
ZUID-AFRIKA 

 

Mysore


Dubbel maandloon voor chauffeurs

We verlaten het wildpark. Net voor het vertrek krijgen we ons nog klamme wasgoed retour. Paffie's vrouw, met een aristocratisch air over zich, zegt ons toe dat we daarom korting krijgen. De chauffeurs krijgen alvast hun fooi: in totaal vangen ze ieder bijna twee maal hun maandloon! In een rustig tempo dalen we af naar de vlakte rondom Mysore, dat op 700 meter hoogte gelegen is. We moeten aan de grens met deelstaat Karnataka weer enige formaliteiten ondergaan. Ons hotel is centraal gesitueerd. Ernaast is een uitstekend restaurant waar we onmiddellijk lekker lunchen. Het is er wel te donker naar onze smaak, maar het kwaliteitsvolle voedsel maakt dit goed.

MAHARADJAPALEIS MYSORE

Het fenomenale Maharadja - Paleis in Mysore. Een van de fraaiste bouwwerken die we ooit gezien hebben. Het wordt nog steeds bewoond. 

Imponerend  Maharadja-paleis

Op straat nemen we een motorriksja die ons echter, tegen de afspraak in, eerst naar een souvenirwinkel brengt. We willen dit persé niet en furieus dwingen we hem terug te gaan en naar het Paleis te rijden. Naar fooi kan hij fluiten. Bij dat Handicraft Emporium kon de riksja wallah natuurlijk commissie krijgen, zo gaat dat. Jos koopt een paar bundels wierookstokjes, specialiteit van Mysore naast het sandelhout, en we gaan het paleis binnen. Enorm groot en mooi, goed bijgehouden en opvallend veel autochtone toeristen op de been. We geven onze schoenen af en bekij­ken de zaak op ons gemak. Overal straalt luxe van uit: zelden zo'n mooi en rijk bewerkt gebouw gezien. Niet alles was open, maar datgene wat we konden bekijken maakte een onuitwisbare indruk op ons. Wat een overdaad. Wat een schoonheid. We moeten er niet aan denken hoeveel mensenlevens dit alweer gekost heeft. We ontmoeten er de Belgische architect in ruste Maurice, met wie we verder optrekken in het Museum. Maurice heeft een “regenscherm" bij zich en een "poel" aangetrokken. Zijn "foto-appareil" heeft hij in zijn "valies" laten zitten. Hij koopt enkele "zichtkaarten" bij een “magazijnke" voor souvenirs. Hij vindt het best een "schoon" plafond, daarboven ..... Het belendend museum is minder spectaculair. Wat goud- en zilverwerk, wapens en duur meubilair, draagstoelen, enz.

Mysore: stad naar ons hart

We gaan te voet verder de stad in. Drinken hier en daar thee en koffie, lopen wat doelloos rond. We kijken onze ogen uit; in deze stad hoef je je geen seconde te vervelen! We zitten in de buurt van een busstation, daar is al­tijd veel volk op de been en dus wat te beleven. Wat is de bevolking van dit land toch rijkgeschakeerd! Er is geen land op aarde waar zoveel verschillende mensentypes rondlopen. Alle ervaren reizigers geven dit volmondig toe. We kunnen dit alleen maar beamen. Mysore is nu al een stad naar ons hart. Konden we hier maar enkele dagen langer blijven. Lekker eten kun je er ook. In het ‘Jewel Rock Restaurant’  richten we onder ons tweetjes een waar feestdiner aan: soep, Amerikaanse steak, sizzler-vlees, spinazie, noodles en flessen gekoeld San Pedro-bier. Die uitspatting kost ons nog geen zeven gulden de man, inclusief een ruime fooi ....

Bioscoop, goedkoop massa entertainment

Een avondwandeling volgt. In de buurt ligt een grote bioscoop, naar de film gaan is het enige amusement wat men hier kent. De filmtheaters zitten dan ook dag in, dag uit vol. Ernaast is een zeer ruime fietsen en bromfietsenstalling, bewaakt en al. We slaan water, whisky en sigaretten in aan een stalletje. De hotelbar ziet er echt westers uit en het prijspeil is beschaafd, evenals de knipmessende kelners. Thieu komt binnen en laat foto's zien die hij in Mysore heeft laten ontwikkelen. De kwaliteit is ook naar onze maatstaven goed te noemen. Een idee voor ons, morgen maar eens een proefrolletje wegbrengen.  

Verkeerde laundry bezorgd

Om half zeven gaat de deurbel en direct daarop stapt een jochie met wasgoed ongegeneerd binnen. We liggen nog te pitten. Clim vindt dit maar brutaal, maar betaalt de knaap toch de 'laundry fee'. Jos  ontdekt dat de fris gewassen kleren ons helemaal niet toebehoren. Er ontstaat een hele scène, het jochie begrijpt er niets van, de floormanager evenmin. Dus de grote baas er maar bij gehaald. Na veel vijven en zessen wordt de zaak gesust. Het ergste vinden we het feit dat het personeel zomaar overal onbekommerd binnenstruint. We ontbijten om de hoek in een autochtone eettent. We eten er een voedzame uiendosa, een soort pannenkoek. We zijn er de langzaamste eters, de Indiërs schrokken hun maal vliegensvlug op, misschien bang dat iemand hun het voedsel komt afpakken. Jos start na lang aarzelen met een anti-biotica kuur. Zijn koortslip is uitgegroeid tot een forse zoeloelip en is erg pijnlijk. Het is geen gezicht. Het veroorzaakt ook moeilijkheden met eten, vooral bij pittige kost.

 

Processie op Chamundi Hill

Tegen tien uur pikt Francis, ‘driver number two’, ons op en rijden we naar het pelgrimsoord Chamundi Hill. Alweer een heilige tempel, lastige venters, een ceremoniële tempelkarprocessie, een sadhoe met een 2 meter lange haarvlecht, opdringerige Brahmaanse gidsen.  Een fles water loopt in Clim zijn schoudertas leeg, waarop hij vloekend al zijn natte spullen, waaronder reispapieren en paspoort, in de zon te drogen legt. Op de terugweg bezoeken we nog de kolossale Nandi-stier halverwege de helling. Het stikt er van de brutale apen. Een van hen probeert de ruitenwisser van ons busje los te wrikken. Aardig panorama van de stad die aan onze voeten ligt. Francis gaat op zoek naar groepsgenoten. Die zijn achtergebleven, denkt-ie, maar wij weten dat ze te voet de berg zijn afgelopen. Francis is er echter niet gerust op, we denken dat hij de toorn van de toeans vreest, mocht hij hen toch vergeten zijn.

Thee in stijl in Lalgita Paleis

We rijden naar het imposante Lalgita Palace, een voormalige maharadja paleis dat we al in de verte in de vlakte hadden zien schitteren . Het is tegenwoordig een vijfsterrenhotel. We drinken er thee met enkele anderen, geheel in stijl. Francis blijft in het busje, hij voelt zich niet thuis tussen het glimmende marmer en de geslepen spiegels. We bezichtigen de stijlvolle, overkoepelde eetzaal, de trappen van koninklijke omvang, de standbeelden, reliëfs, schilderijen en kroonluchters. De cliëntèle bestaat overwegend uit Fransen en Italianen, als rechtgeaarde levensgenieters eisen zij ook in den vreemde het neusje van de zalm. De prijs van de vier kopjes thee is een equivalent van 100 kopjes aan een stalletje langs de straat. Maar goed, theedrinken in het Lalgita Palace heeft een ruime toegevoegde waarde waarvoor we graag extra diep in de buidel tasten.

LALGITA  MAHAL

Een ander voormalig Maharadja Paleis waar we in stijl thee drinken. Momenteel in gebruik als vijfsterrenhotel voor Fransen en Italianen.

Rooms-katholieke  kathedraal

Eenmaal terug in het centrum moeten we eerst geld wisselen (persoonlijke ontvangst, het kantoormeubilair is allemaal genummerd), naar het postkantoor (probleemloze afhandeling, zie je wel dat deze stad oké is) en de fotostudio. De foto's zijn goed en Clim springt in een riksja om nog eens 10 rolletjes in het hotel te halen. Daarna komen we al rondwandelend door een Islamitische wijk terecht bij de rooms-katholieke kathedraal St. Philomena. Het is een middelgrote kerk met een crypte die druk wordt bezocht. Op en aan het kerkplein liggen lagere scholen. Daar gaan we een kijkje nemen. 

 

SCHOOLPLEIN   MYSORE

Dinsdagmiddag. Het is rustig op de speelplaats van de Heilig Hart basisschool....

....totdat de kindertjes er achter komen dat op het plein een dikke, bebaarde blanke man met een fotocamera rondscharrelt.

Onder oorverdovend gejuich dringen ze op en bestormen de arme  fotograaf die rap een goed heenkomen moet zoeken.

Onze komst baart groot opzien. De kindertjes verdringen zich met honderden om ons heen. De oudere spreken al wat Engels en willen piloot of dokter worden. De meisjes houden zich afzijdig. Overal zitten kinderen op het gras te eten, hun lunch bestaat uit een pannetje rijst. We maken een praatje met een onderwijzeres die ons vertelt dat er 1.050 leerlingen zijn, verdeeld over 15 klaslokalen. Jos noemt zijn naam en de kinderen scanderen: "Jos! Jos! Jos!". Als Clim zijn fototoestel te voorschijn haalt, is het hek van de dam. Het gejoel krijgt orkaankracht en de meute wil op de foto, liefst allemaal tegelijk. We moeten ons terugtrekken; de allerkleinsten dreigen in het gewoel onder de voet te worden gelopen. Dat willen we niet op ons geweten hebben. Overigens, de school is wel christelijk, maar er mogen ook Hindoe- en Moslimkinderen naar toe. Tenslotte wat de kerk betreft: er is een Lourdes-grot ter ere van de Maagd, mooie glas-in-lood ramen, in de crypte ligt Lazarus en in de zijbeuken bevinden zich de 12 staties. De stijl is neogotisch.

Brutaal de universiteit verkennen

Met de riksja rijden we naar het westen van de stad, waar een verzameling monumentale gebouwen ligt. De meeste stammen uit de Engels koloniale tijd en zijn nu kantoren van ministeries of dependances van de Universiteit. We lopen overal gewoon naar binnen en bekijken alles op ons gemak. Nergens worden we weggejaagd. In slechts een van de zalen van de universiteit mochten we niet binnen; er is net een examen. In een Instituut voor Sanskrietstudies krijgen we van de plaatselijke filoloog een rondleidinkje: hij toont ons duizenden rollen manuscripten op papyrus en perkament die nog niet vertaald zijn. Geschatte ouderdom 2500 jaar. Misschien zitten er wel stukken bij van onschatbare historische waarde. Er liggen ook palmbladeren opgeslagen, ingekerfd met schrifttekens van een lang verloren taal. In een wel erg armzalige mensa, een gebouw zonder wanden, wordt ons voor een dubbeltje een bord rijst met pepertjes opgediend. Af en toe worden we aangesproken door de studenten of wetenschappelijke assistenten die allen goed Engels spreken.

LEVENDIGE  MARKTEN

In India zijn de markten over het algemeen zeer levendig en kleurig. De plattelanders die er hun producten verkopen gaan vaak nog traditioneel gekleed.

Levendige  groentemarkt

Als we weer terug zijn in het centrum kopen we bij een moslimwinkel enkele mooie beeldjes van sandelhout. Jos betaalt er met zijn Visa‑kaart. Er heerst een oosterse sfeer en de jonge, gladde verkoper weet hoe hij met westerse klanten moet omspringen. Vlakbij ligt de Devaraja groentemarkt, zeer kleurig en netjes met goedlachse handelaars. We maken er heel wat foto's. Een aantal ervan sturen we later op, we hebben de adressen van de handelaren genoteerd. In de buurt moet ergens een moskee zijn die we willen opzoeken, maar we vinden de ingang niet. We zien wel de minaretten, maar het heiligdom is geheel omsloten door woonhuizen. V66r negen uur gaan we de foto's ophalen. We zijn tevreden over het resultaat. De groep gaat uit eten met 14 personen, zonder ons en nog enkele andere  mavericks en/of zieken. Later blijkt dat zij 2 uur hebben moeten wachten voor het eerste gerecht op tafel verscheen, en dan ook nog eens het verkeerde! Inwendig verkneukelen we ons van gelijkhebberige pret. Soms is enig leedvermaak ons niet vreemd. Keer op keer loopt het mis met die gezamenlijke culinaire etentjes. Wat zijn we blij dat we ons daarvan af hebben gemaakt.

Basisbehoeften op de nachtmarkt

Tegen sluitingsuur (23.00 uur) zitten we nog in de bar, als plotseling een hele groep reisgenoten binnenkomt. Er wordt fors gedronken en kijk, de bar blijkt toch door te kunnen gaan tot de kleine uurtjes. Zolang er maar klandizie is; een gezond standpunt volgens ons. We maken gretig van de gelegenheid gebruik en bestellen opnieuw, nu ook voor Myriam die bij ons is komen zitten. Jos gaat nog even op de nachtmarkt water, whisky en sigaretten (“Gold Flak, no filter, please!”) halen en komt terecht in een meeting van honderden riksja's.  

Zeven tussenstops

We staan om zeven uur op. Het is maar 150 km naar Bangalore, maar we zullen nog  "een paar" tussenstops maken onderweg, daarom vertrekken we toch op tijd. Niemand ontbijt, op ons na. We eten om de hoek in de autochtone tent waar de anderen het te vies vinden. Dat is volstrekt bezijden de waarheid, naar Indiase begrippen is het er schoon en netjes. Ze willen gebakken eieren met spek, daar zit 'm de kneep. Nu gaat dat er bij ons ook in, maar in India kun je nu eenmaal niet alles hebben. Om kwart over acht vertrekken we voor een laatste gezamenlijke, en dit keer melige rit over de hoogvlakte van Karnataka. 
We stoppen welgeteld 7 keer:  

 

1

Vesting in ruïnes van Tipu Sultan in Srirangapatnam. Kerkers bij de rivier. Tipu Sultan en zijn vader Hyder Ali waren de laatsten die zich verzetten tegen de expansie van de Engelsen in de achttiende eeuw. Toen het verzet van Tipu Sultan was gebroken, werd de hegemonie van de Engelsen in Zuidelijk India onbetwist. Ze duurde tot 1947. Verwoesting van dit fort/deze vesting: 1799.  
2

Daria Daulat Bagh. De tuinen en een mooi paviljoen (helaas gesloten) van Tipu Sultan, in goede staat behouden, welverzorgd. Zomerpaleis, mooi wandschild!

3

Mausoleum Gulbaz, Tipu's graf in Moorse moslimstijl, koepel. Tuinen.

4

Riverside Hotel, groepsontbijt, betaald uit het groepspotje. Voor het eerst verliep het eten zonder hapering. Aan de oever van een snelstromende rivier volgt een briefing.

5

Fotostop voor armzalige hutjes en sloebers, waaraan wij niet meededen.

6

De chauffeurs moeten piesen.

7

De chauffeurs wensen hun middagmaal te gebruiken, zoals gewoonlijk een fors bananenblad vol rijst met groente, met de hand naar binnen gewipt.


Terug naar begin van de pagina

Vorige Omhoog Volgende