INHOUD
|
|
|
|
|
|
||||||||
|
|
|
|

Als we die morgen Melbourne uitrijden mist gids Graham een duidelijke afslag naar een brug, waardoor hij eens te meer met de handen in het haar zit. De reizigers voorin moeten hem weer eens bijstaan om uit de stad te komen. We rijden door een uitgestekt havengebied. Bij de grote satellietstad Geelong (veel industrie) wordt het landelijk. In Torquay begint officieel de Great Ocean Road die 300 kilometer lang is. Voorlopig is die nog niet zo spectaculair. Een soort rotskust zoals die overal in de wereld te zien is. Ochtendkoffie gebruiken we in het doods overkomend badplaatsje Lorne, lunch volgt in Glenaire Gulch, mooie uitzichten hier. Vanaf Apollo Bay krijgt de kust een ruiger karakter met veel baaien, smalle inhammen en steile afgronden. Een paar keer stappen we uit. De koude wind valt ons het meest op hier, die komt rechtstreeks vanuit Antarctica aangewaaid.
![]() |
In het Otway National Park maken we een wandeling van een half uur door een gematigd regenwoud. De route is goed aangegeven, we hoeven maar een plankier te volgen, heel handig gezien de moerassige ondergrond. Reusachtige eucalyptusbomen met veel varens en mossen, watervallen en rotsformaties. Dieren zijn er niet te zien. De flora in dit natuurgebied is heel gevarieerd en doet denken aan de oerwouden in de tropen, zij het dat het hier niet zo benauwd en warm is.

Later op de middag rijden we langs de zgn. Ship Wreck Coast, een stuk kust waar meer dan 80 schepen zijn vergaan. Even verderop liggen de hoogtepunten van deze route, de Twelve Apostles. Men heeft er de toeristen in de watten gelegd, want bij de mooiste uitzichtpunten staan banken. Alles is ook gemakkelijk bereikbaar via goed onderhouden en duidelijk aangegeven paden en wandelroutes. In een uur tijd stoppen we bij vijf verschillende plekken: o.a. London Bridge, the Grotto, Bay of Islands en Loch Ard Gorge.
Ga naar onze Fotopagina van de TWELVE APOSTLES
![]() |
![]() |
We overnachten in Warrnambool, een havenstadje dat in de negentiende eeuw een centrum voor walvisvaarders en robbenpelsjagers was. Graham wil ons bij een verkeerd hotel afzetten, maar wij weten hem bijtijds te corrigeren. Het stadje vervult een streekfunctie, de bewoners van de dorpen rondom de stad komen hier hun grotere inkopen doen. We genieten van een uitgebreid Chinees buffet. We verbazen ons weer eens over de gigantische hoeveelheden voedsel die men hier naar binnen slaat; niet voor niets behoort de bevolking van Australië (o.a. na die van de USA) tot de dikste van de wereld. Bij een bottle shop slaan we een voorraadje drank in. Het is een druk beklante zaak, waaruit blijkt dat de Australiërs ook op het gebied van 'booze' hun mannetje staan.
Al vroeg in de ochtend bezoeken we het Mount Gambier natuurgebied dat in een voormalige vulkaankrater is gesitueerd. Daar worden we voor het eerst echt geconfronteerd met koala's, die ons vanuit de toppen van de bomen lodderig aanstaren. Ook zien we er voor het eerst emoes vrij in het wild rondlopen. Ze zijn niet echt schuw, dat zal wel komen omdat ze aan bezoekers gewend zijn geraakt. De kangoeroes zijn er van het grote, bruine soort en zijn evenmin bang uitgevallen. Na een game drive volgen we de kust verder.

Als we Port Fairy willen bekijken (een walvisvaarderhaven) worden we overvallen door een fikse hagelbui. Een langere stop volgt in Cape Bridgewater. Een fikse wandeling over de klippen voert ons naar een robbenkolonie; het duurt ons echter te lang en we keren terug om in een verlaten strandkiosk koffie te drinken. Ook andere van de groep gaan eerder terug. Er hangt een droefgeestige sfeer, het weer is niet zo best en de robbenkolonie viel volgens sommigen toch wel iets tegen.

Direct achter de kust is het land vlak, het wordt gebruikt om vee te weiden. Dit is dan ook een echte zuivelstreek. Af en toe is er een beetje bos of struikgewas te zien. In een onaanzienlijk plaatsje bezoeken we een 'pot hole' die iemand uit een ver verleden tot tuin heeft omgebouwd. We vinden het niet zo bijzonder. Er schijnen hier beenderen van prehistorische, nu uitgestorven dieren gevonden te zijn. Als laatste wordt gestopt bij een kanaal van enkele kilometers dat door slechts 2 mannen in enkele jaren tijd is gegraven. Een prestatie dus. Het diende om een moeras te draineren en was niet bestemd voor scheepvaart.
Motelletje
in RobeRobe is het volgende kleine plaatsje dat we aandoen. Hier overnachten we in een enigszins onderkomen motelletjes. De mensen zijn er wel aardig. Voor het donker wordt maken we een wandeling naar het lege strand en de weinig interessante kust. Na een afzakkertje in de lokale pub (typisch Ierse sfeer) eten we uitgebreid in het hotel. Ze hebben er een uitstekende keuken en we laten ons de roast beef goed smaken.
![]() |
![]() |
Achter Robe begint het National Park van de Coorong. Het is een wetland met strandmeren, moerassen en hoge zandduinen. Naast de aparte flora heeft deze biotoop natuurlijk ook een heel bijzondere fauna. We stoten al gauw op een wombat, dood langs de weg liggend. Aangereden, beweert Graham, maar als we het zware dier omdraaien gulpt er bloed uit wat een duidelijke schotwond is. Even verderop vindt iemand de patroonhulzen. Een of andere onverlaat heeft dit beschermde dier gewoon voor de lol neergeknald. Een tijdje later ontdekken we een nog levende wombat die langs de weg scharrelt, wat opmerkelijk is omdat dit typische nachtdieren zijn. Hij maakt zich uit de voeten als hij ons opmerkt. In dit gebied schijnen nog meer dan 10.000 wombats te leven.
Ga naar de Fotopagina van de Coorong
![]() |
![]() |
We hebben bij een restaurant dat door aboriginals wordt gerund een lunch gereserveerd, maar het blijkt gesloten. Afspraken gelden hier blijkbaar niet. Later komen we een abo-vrouw in een gloednieuwe 4 WD tegen, de uitbaatster van het restaurant. Zij reageert nogal onverschillig op onze vragen waarom de zaak dicht is. We rijden dan ook maar door en eten ergens bij een take away in een plaatsje waar de lobster de scepter zwaait. Een reuzenuitvoering van dit beest staat er langs de weg.
![]() |
![]() |
De zandduinen zijn al van verre goed te zien. Ze ogen indrukwekkend en het kost nogal wat moeite om ze te beklimmen. Vanaf de top heb je uitzicht op het uitgestrekte strand van de Coorong. De zandheuvels zien er allemaal heel maagdelijk uit, hier komen klaarblijkelijk weinig toeristen. We rijden verder langs de oevers van Lake Alexander, een ondiep strandmeer.
We komen uit bij de Murray, de langste rivier van Australië die hier in de buurt in de Indische Oceaan uitmondt. We moeten wachten op de ferry die ons overzet. Het is nu niet ver meer naar Adelaide, de stad waar we een hele dag gaan doorbrengen. Voor we naar het hotel rijden bezoeken we het uitzichtpunt op Mount Lofty dat in de Adelaide Hills gelegen is. Jammer genoeg is het te heiig om echt van het panorama te kunnen genieten. Tijdens het inchecken bij het hotel is er van enige hectiek sprake met als gevolg dat we geen afscheid kunnen nemen van gids / chauffeur Graham. Jammer, we mochten hem wel, ook al ging hij herhaaldelijk in de fout. Hij was zich daarvan echter bewust getuige de zelfspot die hij dan aan de dag legde. Wij mogen die vorm van humor wel. Morgen krijgen we een nieuwe gids / chauffeur. Benieuwd wie dat dan alweer mag zijn.

![]()
Ga naar de andere landen van onze
reissite!
|