PAGINA'S

BUENOS  AIRES
LA  BOCA
PALERMO
RECOLETA
LA  PLATA
CORDOBA
BELGRANO
TUCUMAN
TAFI  DEL  VALLE
SALTA
ANDES
JUJUY

 

HOMEPAGE
JOS & CLIM

 

LA  BOCA

 

WANDELEN  IN HAVENWIJK LA  BOCA

La Boca is een oude volkswijk van Buenos Aires; volks is het nog steeds trouwens. Naar verluidt is het de geboorteplaats van de tango in het begin van deze eeuw. Hier speelden orkestjes in kroegen met namen als “La Turca”, “El Grieco” en “La Marina”een nieuwe volksmuziek. Men speelde intuïtief met viool, gitaar, fluit en bandoneon (een klein accordeon). De wijkbewoners waren van internationale herkomst en het nachtleven zo dicht aan de haven bruiste er tot vroeg in de morgen. Er werden danssalons geopend en het volk stroomde van heinde en ver toe. Bij de tango mochten de danspartners elkaar stevig vastpakken, hetgeen al veel van de populariteit van de muziek en de dans verklaart. Momenteel is de tango nog net niet verdwenen. De salons bevinden zich in de betere wijk San Telmo en worden voornamelijk bezocht door busladingen toeristen die een avond authentiek vertier zoeken.

   

DE  ARGENTIJNSE  TANGO

Een tangoshow hebben Clim en ik er niet bezocht; wel hebben we enkele uren al slenterend in de wijk doorgebracht. In feite rest er nog maar een klein straatje dat echt interessant is, namelijk El Camenito. We waren er al vroeg met de stadsbus heen gegaan, dus we hoefden ons nog niet door de toeristenmassa’s heen te wurmen. Alle huizen van dit straatje zijn van golvend plaatijzer of van hout. De schilder Quinquela Martin veranderde het eens zo grauwe straatje in een van de kleurrijkste van geheel Zuid-Amerika. Hij gebruikte hiervoor de kleuren Toscaans geel, terracotta rood en mediterraan blauw. Zijn opdracht was voltooid toen er ook nog wat standbeelden (replica’s van Griekse godheden), muurschilderingen en reliëfs bijkwamen. Er kwam een kunstmarkt en het Place du Tertre van Buenos Aires was een feit. Laat nu de bezoekers maar komen. Wij dus ook en inderdaad, we maken er veel foto’s. Clim ontfermt zich over de twee treurige muzikanten die melancholieke tango’s ten gehore brengen. Jos zorgt ervoor dat de fleurige architectuur op beeld wordt vastgelegd. We struinen nog wat rond in een van de vele souvenirshops en gaan de rest van de wijk verkennen.

Ga naar de FOTOCOLLAGE van de tango!
Aanvankelijk kunnen we nergens een plek vinden om koffie te drinken. We zoeken tevergeefs op Garibaldi (een straat, dat zegt men er hier nooit bij), waar de spoorrails nog over het verwaarloosde wegdek lopen.  Met zijn verveloze huizen van golfplaat en verweerd hout is deze straat meer karakteristiek voor de wijk dan het excentrieke Camenito. De bewoners hangen maar wat rond en zien er onverzorgd en nogal misdadig uit. Uiteindelijk krijgen we koffie in een kroeg aan een plein waar volgens de barman de geniale voetballer Maradona heeft leren voetballen. Als bewijs heeft hij de identiteitskaart van Diego uitvergroot achter de tapkast hangen. Maradona is een telg uit deze sociaal achtergebleven wijk. De eeuwig volksjongen (onberekenbaar en als mens onuitstaanbaar) werd als jeugdig talent ontdekt bij de plaatselijke voetbalclub Boca Juniors. Verder is de wijk niet bijzonder interessant: veel sombere opslagplaatsen en vervallen woningen.

Het schijnt dat er nog steeds een groot aantal bordelen en nachtclubs ligt, maar die hebben wij dan niet gezien. Overdag vallen die trouwens ook niet zo op. In de haven ligt een aantal scheepswrakken die ze niet hebben geborgen. Blijkbaar wordt de haven niet meer zo intensief gebruikt dat deze half boven het olieachtige water uitstekende karkassen in de weg liggen. Verder valt de zware, behoorlijk verroeste ijzeren brug op die naar een schiereilandje aan de andere kant van de haven leidt. Enigszins teleurgesteld houden we het voor gezien en gaan we op weg naar een wijk een kilometer noordelijker gelegen, San Telmo.  

Ga naar de FOTOCOLLAGE  van de volkswijk La Boca!

ANTIEK  IN

SAN  TELMO

De geschiedkundigen beweren dat de Spanjaard Pedro de Mendoza  1537 hier in San Telmo voor het eerst voet op Argentijnse bodem zette. De Jezuïeten vestigden zich er en stichtten er enkele kerken en kloosters. In een van die oude kloosters heeft men onlangs nog eeuwenoude onderaardse vluchtgangen ontdekt, maar helaas konden we die niet bezichtigen.  In de vorige eeuw waren de bewoners voornamelijk vissers, dokwerkers, touwslagers en zwarte slaven. Die laatste groep vormde zelfs een/derde van de lokale bevolking, maar tegenwoordig vindt men er geen spoor meer van terug. “Wij hebben geen zwarten in ons land!”, zegt de rechtgeaarde Argentijn vol trots. Naderhand gingen ook de rijke handelaren en landeigenaren zich hier metterwoon vestigen en bouwden ze schitterende herenhuizen. De armen woonden in simpele lemen hutten. Daarvan is natuurlijk niets meer overgebleven.

Wijk van emigranten

In 1871 brak echter de gele koorts uit en deze epidemie vaagde een groot gedeelte van de bevolking weg.  De rijken trokken halsoverkop naar gezonder oorden in het noorden van de stad (zo zijn bijvoorbeeld Retiro en Recoleta gegroeid). Na de koorts stroomden nieuwe emigranten toe, vooral uit Italië en Oost-Europa. Ze namen de herenhuizen over en verdeelden die in kleinere wooneenheden, waardoor de zogenaamde “conventillos” ontstonden. Eenzelfde proces vond trouwens ook in Rusland plaats; nadat de communisten er de tsaar hadden verdreven werd privé-bezit verboden en werden er communes  van de statige herenhuizen in Moskou en Sint Petersburg gemaakt. Die werden daar “kommunelkas” genaamd. In de jaren zeventig heeft men de waarde van die historische gebouwen ingezien en is men gestart met een renovatieprogramma. Antiquairs, tangobars en restaurants verschenen er en het eens als verloren beschouwde San Telmo werd weer een aantrekkelijk wijk om te wonen of om er op zijn minst in te wandelen of uit te gaan.

We benaderen de wijk vanuit het zuiden, komend van La Boca. Het eerste centrale punt is Parque Lezama, waar we enkele dagen eerder het Nationaal Historisch Museum hebben bezocht.  Het park is hoger gelegen en is historisch van belang. Ooit lag hier de slavenmarkt; verder werden op deze plek de Engelsen voor het eerst verpletterend verslagen in het begin van de 19de eeuw. Het  wordt opgesierd met klassieke beelden en kruiken die mooi passen onder de hoge palmbomen.  Ook ligt er een amfitheater, recht tegenover een Russisch-orthodoxe kerk met vijf uivormige torens aan de andere kant van de straat. Er is net een kunstmarkt aan de gang als we er doorheen lopen. Via Brazil lopen we verder het hart van de wijk binnen. De antiekwinkels liggen hier zij aan zij. Een ervan lopen we binnen. We worden er hartelijk ontvangen, helemaal niet opdringerig. De winkelier spreekt zowaar een woordje Engels, een eigenschap die in Zuid-Amerika slechts zelden voorkomt. We kijken onze ogen uit aan al die fenomenale kunstvoorwerpen die hier letterlijk staan en liggen opgestapeld. Menig museum zou trots op zo’n verzameling zijn. In vitrines liggen meesterwerken van goud– en zilversmeden te pronken. Diep onder de indruk bereiken we het centrale plein, Plaza Dorrego.

Plaza Dorrego

Het is een mooi plein, waar het in het weekend druk is vol feestvierende en etende Porteños die onbezorgd de terrassen bevolken. Het is niet zo groot en heeft veel groen, maar daar merken we nu in de winter weinig van. In de buurt bezoeken we nog een kerk (Nuestra Señora de Belen), een mix tussen rococo en barok, daterend uit 1750, een van de oudste kerken van Buenos Aires Ook bekijken we enkele galerieën en mooie herenhuizen. Veel kunstenaars hebben zich hier gevestigd; ze proberen van al die toeristen een graantje mee te pikken. Andere bezienswaardigheden: een bakstenen Deense kerk, een imposant neogotisch gebouw met atlantenfiguren, standbeelden, kerken.  

 

PLAZA  MAYO / PLAZA CONGRESO

Wat onderdak betreft hadden we het goed bekeken. Via internet en de atlas van Wolters-Noordhoff op CD-rom waren we er achter gekomen waar de goedkopere hotels in het centrum gesitueerd waren. Toen we uit de bus vanaf het vliegveld stapten, hadden we na twee pogingen al snel prijs bij het koloniale hotel Sportsman in de buurt van de Plaza de Congreso en de verkeersader Avenido de Mayo. Weliswaar ietwat onderkomen en sober ingericht, maar heel goedkoop: 25 gulden per persoon. Met het weer hadden we het minder goed getroffen; vrijwel de hele dag regende het de eerste dagen of was het grauw, guur en winderig. Na een week hadden we nog niet eens een enkel fotorolletjes volgeschoten, dat zegt wel genoeg over de weersomstandigheden. Desondanks gingen we overdag op pad, waarbij onze paraplu’s onze goede diensten verleenden. ‘s Avonds bleven we meestal op onze kille hotelkamer liggen lezen, gelukkig was daarvoor genoeg licht.

Het schitterende Barolo-gebouw

Ons hotel Chile in het centrum

Casa Dorada en Carlos Menem

Het beroemdste plein van Buenos Aires is Plaza de Mayo, genoemd naar de datum waarop de eerste regering van Argentinië op 25 mei 1810 werd geïnstalleerd. Het is een groot plein met palmbomen, grasperken, fonteintjes, standbeelden en vergulde lantaarnpalen. Midden op het plein staat de Piramide de Mayo, een kleine obelisk met bovenop het standbeeld van de godin Bellona. Het bekendste gebouw aan het plein is het Casa Dorada uit 1870, oorspronkelijk het hoofdkantoor van de posterijen, momenteel echter in gebruik als presidentieel paleis. Carlos Menem, de huidige president, komt er dus regelmatig, hoewel hijzelf met zijn gezin elders in een luxueuze villa woont. Na twaalf jaar moet Menem dit jaar constitutioneel aftreden, wat hij met zichtbare tegenzin doet. Hij lijdt net als zo veel van zijn voorgangers van militaire snit aan een onmiskenbaar Argentijns trekje, namelijk machtswellust. Overigens, gewone mannelijke wellust is deze immigrantenzoon uit een Libanese familie zeker niet vreemd. In het openbaar pocht hij over zijn seksuele veroveringen. Eigenaardig genoeg wordt dit haantjesgedrag hem door het volk en de media nauwelijks kwalijk genomen. In een machocultuur hoort dat er bij, het valt  niet eens op.

Cabildo en kathedraal

Verder ligt aan het plein het Cabildo, het voormalige koloniale stadhuis van Buenos Aires uit de achttiende eeuw. Aan de overkant staat de in onze ogen wel zeer vreemde kathedraal Metropolitana. Aanvankelijk konden we nergens een kerk ontdekken, totdat we langs een neo-classicistische tempel kwamen en er een blik naar binnen wierpen. Geen twijfel mogelijk, dit moest wel de kathedraal zijn. Van binnen was hij trouwens ook niet zo bijzonder interessant. Wel ligt de grootste Argentijnse volksheld, de bevrijder generaal San Martin (een maatje van Simon Bolivar) hier begraven. Op deze plek komen ook veel van de belangrijkste boulevards van de stad bijeen.

De stad is namelijk gebouwd met de  plattegrond van Parijs na de renovatie door Hausmann in het achterhoofd.  De Avenido de Mayo is daar een voorbeeld van. Het is een brede avenue omgeven door pompeuze gebouwen met erkers, smeedijzeren traliewerk, koepeltjes en torentjes. De trottoirs zijn breed, er liggen dure winkels en theaters, maar dat kon ons niet aan de indruk onttrekken dat hier sprake was van vergane glorie waar de tijd is stil blijven staan. Het sociale en culturele centrum van de stad heeft zich naar elders verplaatst. Toch liggen er nog pareltjes van gebouwen waarvan je kunt genieten. La Prensa bijvoorbeeld met een façade vol ornamenten en bronzen beelden. Café Tortoni , een art nouveau cafetaria waar in de bruisende jaren dertig de intellectuelen en schrijvers hun domicilie hadden. Namen? Garcia Lorca, Josephine Baker, Pablo Neruda, Ortega y Gasset, Eric Satie, Jorge Luis Borges. De virtuoze Carlos Gardel speelde, danste en zong er zijn melancholieke tangoliederen. Ook verschillende hotels uit de Belle Epoque liggen aan deze brede avenue. In één ervan, hotel Chile, zouden we bij onze terugkeer uit het binnenland onze intrek nemen. Een kamer kostte er slechts vijftig US dollar.

 

De Avenida de Mayo komt uit bij de Plaza de Congreso, maar eerst komen we nog langs het zarzuela-theater Teatro Avenida en het mooiste gebouw van de avenue, Edificio Barolo. Het is hier in 1922 door een Italiaan neergezet en heeft een prachtig afgewerkte voorgevel vol erkers en balkonnetjes en een mooie toren van 103 meter hoog. Het ligt vlakbij ons hotel Chile. Ook de immense galerij binnen is indrukwekkend met zijn bronzen liftdeuren en granito afwerking. Een andere bezienswaardigheid in de buurt is het café Los 36 Billares dat uit 1882 stamt. Het zit vol mannen en inderdaad, het telt 36 biljarttafels. We bekijken er de voetbalwedstrijd Valencia – Barcelona om de Spaanse Supercup. De cliëntèle is op de hand van Valencia, want in dat team spelen twee Argentijnen. Het “Nederlandse” Barcelona van Louis van Gaal verliest, enigszins tot ons plezier, want wij mogen die arrogante man niet. Het etablissement hoort toe aan Eduardo Berardi, een biljartvirtuoos uit de jaren zeventig, ooit gevreesd tegenstander van de Belg Raymond Ceulemans. We kennen deze buurt inmiddels goed. We eten hier vaak en slaan er bij de kiosken onze biervoorraad in: heuse litersflessen!

Plaza de Congreso

Het plein  onderscheidt zich door pompeuze beelden en imposante fonteinen. Natuurlijk liggen er parkeergarages onder, onontbeerlijk in een autostad als Buenos Aires. Aan het begin staat een replica van de Denker van de Franse beeldhouwer Auguste Rodin. Aan de andere kant staat het enorme parlementsgebouw, het Congreso Nacional. De Italiaanse architect heeft zich hier laten inspireren door het symbool van vrijheid en democratie, het Capitool in Washington en het roomse symbool van de Sint Pieter in Rome. Het werd in 1906 geopend en de Senaat en de Tweede Kamer zetelen er. Met enkele andere Europese toeristen (Fransen en Schotten) krijgen we er een gratis rondleiding van een half uur. De Salon Azul, de bibliotheek en ook de tweede kamer (een soort arena van zestig meter hoog) vinden we wel interessant. Er worden tevens exposities gehouden.

Enkele dwarsstraten verderop ligt nog een interessante avenue (of boulevard, wat is het verschil eigenlijk?): de Avenida de Corrientes. Deze wijk wordt ook wel het Broadway van Buenos Aires genoemd vanwege de talloze theaters, revues, cabarets en bioscopen die er liggen. Ook alle keukens van de wereld zijn er vertegenwoordigd. Tussen Corrientes en ons hotel ligt nog een modern winkelcentrumpje, La Plaza genaamd.  Dit Plaza moet herinneringen opwekken aan het Parijse Monmartre; naar onze mening zijn ze daar goed in geslaagd, hoewel het nogal nieuw aandoet natuurlijk. De kunstenaars hebben een stempel op de wijk gedrukt. Bij het cultureel centrum San Martin (erg creatief in het verzinnen van namen zijn ze hier niet…) staan buiten prachtige moderne beeldhouwwerken.  In de vele cafeetjes houden zich tot diep in de nacht schrijvers op, nippend aan hun koffie (die erg goed is in Argentinië, maar ook navenant duur: f 4,50 per kop…) en de wereldproblematiek bediscussiërend. Sommige van die cafés dienen tevens als boekhandel. We kopen er reisgidsen en atlassen van het land, in de aanbieding natuurlijk.  

Ga naar de FOTOCOLLAGE van de stad Buenos Aires!

Vorige Omhoog Volgende